P38 | Schore (Zuid-Beveland)

Dit wapen is afkomstig van de heer Jacobus Veerhoek. Zijn vrouw Catharina M. Veerhoek-Stevense die geboren is op 25 april 1921 te Hansweert had als wens (na het overlijden van haar man) dat dit wapen zou worden opgenomen in de collectie van het Bevrijdingsmuseum. 

Haar man, Ko, zat bij het verzet en heeft hiervoor o.a. de volgende activiteiten uitgevoerd: 

*** het met gevaar voor eigen leven onklaar maken en wegnemen van aangebrachte explosieven in de kelder van de VLAKE-brug  (hiermee voorkwam hij beschadiging van de Vlake-brug door detonatie), 

*** het met gevaar voor eigen leven wegnemen van een op scherp gezette explosieve granaat op de toren van de Nederlands Hervormde Kerk te Schore,  

*** het met gevaar voor eigen leven onder moeilijke omstandigheden in veiligheid brengen van een geallieerde piloot welke, na boven de Westerschelde bij Waarde te zijn neergeschoten, met
zijn parachute op de schorren was geland. 



Ko was op 9 september 1944 werkzaam in zijn boomgaard aan de oostzijde van het Kanaal door Zuid-Beveland toen hij boven de Westerschelde enkele vliegtuigen waarnam, waarvan er één (een Hawker - Typhoon IB MP152) in brand stond. Op een gegeven ogenblik zag hij dat de piloot (mr. Geale William Hewson) eruit sprong en aan zijn parachute naar beneden kwam. Ko dacht, ik ga richting de zeedijk om te kijken waar de piloot terecht komt. Hij landde in het water, in de buurt van de kust. Inmiddels waren er meer burgers gearriveerd en vroegen aan Ko om zijn rubber laarzen (om zo door de schorren te gaan en de piloot te helpen). Ko zei: “Dit doe ik zelf wel” en hij ging op pad. 

Toen hij aan de vloedlijn arriveerde kwam de piloot hem tegemoet gelopen. Ko vertelde: “Het was een grote blonde man en op zijn schouder stond Canada. Op dat moment waren er wat Duitsers aangekomen op de zeedijk, zij schoten vlak over onze hoofden en gebaarden dat we naar de zeedijk moesten komen. De piloot vroeg mij? Wat zijn dat? Ik zei ‘Germans….’ En hij zei ‘shit.’ Hij liep samen met mij in de richting van de zeedijk en onderweg verscheurde hij verschillende papieren. Als laatst toen we door een kreekje liepen pakte hij uit zijn zak een pistool en gooide dit in de kreek. Ik raapte dit nog op en hij knikte nog naar mij van nee. Ik verstopte het wapen achter in mijn broek (onder mijn jas). Aangekomen bij de zeedijk stonden de Duitsers al op ons te wachten. Ik kreeg een enorme uitbrander van een officier die erbij was, maar ik zei hem dat ik dacht dat het een Duitse piloot was. Het liep met een sisser af. De Canadees werd afgevoerd en gaf mij nog een knipoog.”

Ko heeft het wapen altijd bewaard als aandenken aan de Canadese piloot. Hij dacht altijd dat het om een Canadees wapen ging, niets bleek minder waar. Het is een Duitse Walther P38. Dit zal waarschijnlijk ook de reden geweest zijn dat de piloot ervan af wilde. Gepakt worden als ‘vijand’ met een Duits wapen liep meestal niet goed af.